Alle informatie over Eindhoven Airport
die u als bewoner wilt weten
voor uw reactie... klik hier
Om snel een overzicht te hebben van de inhoud van de site plaatsen we de link naar de "sitemap" direct rechts bovenaan.
Zoek op de site:



Volg BOW nu ook op Twitter:
 
Risicokaart

Bekijk hier hoeveel risico's er in uw woonomgeving zijn: www.risicokaart.nl


Voor meer risico's, zie hier: landing vliegtuig
Ledenflyer
 

 
klik door naar:


(de 10 geboden voor eindhoven airport)
 
 

De afgewezen "gemoderniseerde" overeenkomst 2007

 

Download hier de 'gemoderniseerde' Regionale Overeenkomst

Download hier de toelichting op de 'gemoderniseerde' Regionale Overeenkomst


Regionale Overeenkomst Eindhoven Airport


Partijen:

De gemeente Best, te dezen vertegenwoordigd door …….., wethouder ………, handelend ter uitvoering van het besluit van het college van burgemeester en wethouders van ……..2007, hierna ook te noemen “de gemeente Best”;

De gemeente Eersel, te dezen vertegenwoordigd door …….., wethouder ………, handelend ter uitvoering van het besluit van het college van burgemeester en wethouders van ……..2007, hierna ook te noemen “de gemeente Eindhoven”;

De gemeente Eindhoven, te dezen vertegenwoordigd door …….., wethouder ………, handelend ter uitvoering van het besluit van het college van burgemeester en wethouders van ……..2007, hierna ook te noemen “de gemeente Eindhoven”;

De gemeente Oirschot, te dezen vertegenwoordigd door …….., wethouder ………, handelend ter uitvoering van het besluit van het college van burgemeester en wethouders van ……..2007, hierna ook te noemen “de gemeente Oirschot”;

De gemeente Veldhoven, te dezen vertegenwoordigd door …….., wethouder ………, handelend ter uitvoering van het besluit van het college van burgemeester en wethouders van ……..2007, hierna ook te noemen “de gemeente Veldhoven”;

De provincie Noord-Brabant, te dezen vertegenwoordigd door …….., gedeputeerde ………, handelend ter uitvoering van het besluit van het college van gedeputeerden van ……..2007, hierna ook te noemen “de provincie Noord-Brabant”;

en

De vereniging Belangenbehartiging Omwonenden Welschap (BOW), te dezen vertegenwoordigd door …….., [functie] ………, daartoe gevolmachtigd door en handelend ter uitvoering van het bestuursbesluit van ……..2007, hierna ook te noemen “de BOW”;

De Brabantse Milieu Federatie (BMF), te dezen vertegenwoordigd door …….., [functie] ………, daartoe gevolmachtigd door en handelend ter uitvoering van het bestuursbesluit van ……..2007, hierna ook te noemen “de BMF”;

en

Eindhoven Airport NV, te dezen vertegenwoordigd door …….., directeur, daartoe gevolmachtigd door en handelend ter uitvoering van het besluit van de Raad van Commissarissen van ……..2007, hierna ook te noemen “Eindhoven Airport NV”.


Overwegingen:

Partijen constateren dat naar aanleiding van:

- het toegenomen belang van de rol van de luchthaven Eindhoven binnen Brainport Eindhoven;
- de wens van Eindhoven Airport NV, in verband met de continuïteit van de luchthaven, te kunnen beschikken over een of meer bases van luchtvaartmaatschappijen,
- het voortschrijdend inzicht op het gebied van geluidhinderbeperking en klimaatbeheersing en de maatschappelijke wens om dienaangaande maatregelen te treffen,
- de verwachte veranderingen op wetgevingsgebied,
- de wens bestaat om de onderlinge afspraken vastgelegd in de regionale overeenkomst van 2000, die nadien in 2003 zijn aangepast, te herformuleren,

en wel zodanig dat:
- het evenwicht tussen de economische en milieuaspecten van het burgermedegebruik op de luchthaven behouden blijft;
- er grenzen worden gesteld aan de groei van de burgermedegebruik in relatie tot het woon-, werk- en leefklimaat in de directe omgeving van de luchthaven Eindhoven.
- de informatieverstrekking aan omwonenden van de luchthaven Eindhoven wordt verbeterd.


gelet op:

a. Het (concept-) aanwijzingsbesluit inclusief het vaststellen van de geluidszone voor het militaire luchtvaartterrein Eindhoven ingevolge de Luchtvaartwet, Tweede Kamer, vergaderjaar 2006–2007, 22 548, waarin de daaraan ten grondslag liggende MER laat zien dat de oppervlakte van het gebied dat wordt omsloten door de 35 Ke-contour behorende bij het commercieel burgermedegebruik 4,74 km2 bedraagt, welke waarde overeen komt met de oppervlakte van 4,65 km2 die tussen Eindhoven Airport NV en regionale partijen in 2000 is overeengekomen in de Regionale Overeenkomst Eindhoven Airport N.V. (Het verschil tussen beide waarden is een gevolg van verschillen in de rekenmodellen die door de verschillende instituten worden gebruikt);

b. Het wetsontwerp 30 452 inhoudende wijziging van de Wet luchtvaart inzake vernieuwing van de regelgeving voor burgerluchthavens en militaire luchthavens en de decentralisatie van bevoegdheden voor burgerluchthavens naar het provinciaal bestuur (Regelgeving burgerluchthavens en militaire luchthavens), waarin de positie van burgerexploitant wordt vastgelegd en waarin de mogelijkheid om een civiele geluidsruimte aan te wijzen binnen de totale geluidzone van de militaire luchthaven Eindhoven, is opgenomen. Het Rijk is bevoegd gezag voor de militaire luchthaven Eindhoven, waarvan Eindhoven Airport NV gebruik maakt;

c. Het Structuurschema Militaire Terreinen (SMT 2) uit 2005, dat niet langer een getalsmatige grens van 18.050 vliegbewegingen aan het burgermedegebruik op de luchthaven Eindhoven verbindt;

d. De Nota Ruimte (VROM) waarin aan Zuidoost-Brabant de status wordt verleend van ‘Brainport’ en de nota ‘Gebiedsgerichte Economische Perspectieven’ (EZ), waarin staat dat de regio Eindhoven ‘in tien jaar tijd zich moet kunnen meten met de technologische topregio’s in de wereld’. De aanwezigheid van een luchthaven met regelmatige vluchten naar een breed aanbod van bestemmingen wordt daarbij als een belangrijke voorwaarde gezien. Nieuwe zakelijke bestemmingen en de connectiviteit met Europese economische kernregio’s dienen daarom in de ontwikkeling van de luchthaven Eindhoven prioriteit krijgen;


verklaren:

een overeenkomst aan te gaan die enerzijds tegemoet komt aan het verlangen van partijen om zo weinig mogelijk hinder van het luchthavenluchtverkeer te ondervinden en anderzijds aan de wens van partijen om de luchthaven Eindhoven rendabel te blijven exploiteren;

niet het aantal vliegbewegingen als sturend mechanisme te hanteren, maar de mate van geluidsbelasting van het luchthavenluchtverkeer. De oppervlakte van de civiele geluidbelastingcontour in de door het ministerie van Defensie af te geven vergunning voor burger medegebruik is daarbij maatgevend;

bij het rijk te zullen aandringen op de totstandkoming van een op het burger- medegebruik gericht normen- en handhavingsstelsel, tenminste vergelijkbaar aan andere regionale burgerluchthavens, dat uiteindelijk moet leiden tot een zodanige vergunning voor burgermedegebruik;

voorstander te zijn van ontvlechting van militaire en civiele luchtvaart op de luchthaven Eindhoven in al zijn aspecten, zulks onder respectering van het militaire primaat;

voor zover wettelijke regelingen daarin thans niet voorzien maatregelen te treffen, die een gunstige uitwerking hebben op het woon-, werk en leefklimaat in de directe omgeving van de luchthaven Eindhoven;

dat de uiterste geluidsoppervlakte van het civiele luchtverkeer – in normale omstandigheden - nooit meer zal bedragen dan 6 vierkante kilometer;

te streven naar de verbetering van de toegang van Brainport Eindhoven tot de centrale kennisregio’s in Europa;

ook te bevorderen dat de luchthaven Eindhoven wordt ontsloten met duurzame openbare vervoersverbindingen;


komen overeen:


Artikel 1 Begripsbepalingen

De volgende, met een hoofdletter beginnende, woorden hebben in deze Regionale Overeenkomst de volgende betekenis:

Base : basisstation voor een luchtvaartmaatschappij.

Burgerexploitant : houder van een vergunning voor burgermedegebruik die is afgegeven voor burgerluchtvaart van commerciële aard onder vaststelling van een grenswaarde voor de geluidbelasting door dat luchthavenluchtverkeer, anders dan in de vorm van een maximum aantal vliegtuigbewegingen.

Burgermedegebruik : gebruik van een militaire luchthaven door andere dan militaire luchtvaart.

Civiele geluidsruimte : aantal vierkante kilometers geluidsruimte die afzonderlijk wordt vastgesteld voor het burgerluchthavenluchtverkeer binnen de 35 Ke-contour (inclusief het oppervlak van het luchthavengebied).

Eindhoven Airport NV : de rechtspersoon Eindhoven Airport N.V., of haar rechtsopvolger(s).

Gebruiksplan : een voorstel voor het gebruik van de luchthaven voor een periode van 12 maanden. Het gebruiksplan bevat een voorstel voor de manier waarop het luchtvaartterrein zal worden gebruikt, de gegevens om de geluidsbelasting te bepalen die door het voorgestelde gebruik zal worden veroorzaakt en de maatregelen die de exploitant moet nemen om de maximale geluidsbelasting niet te overschrijden. De exploitant baseert zich daarbij op bedrijfsgegevens, zoals typen vliegtuigen, de aard en het tijdstip van de vluchten.

Geluidscontour : de lijn die punten verbindt waar de geluidsbelasting een gelijke waarde heeft.

Geluidszone : het gebied rond een luchthaven waarbuiten de geluidsbelasting door landende en opstijgende luchtvaartuigen de grenswaarde, die krachtens artikel 25, eerste en vierde lid, van de Luchtvaartwet wordt vastgesteld, niet mag overschrijden.

GLOBE : Gezamenlijk Luchthaven-Omwonenden Beraad Eindhoven;

Kosten-eenheid : rekeneenheid voor geluidshinder grote luchtvaart, uitgedrukt in Ke, die wordt gebruikt voor de berekening van een geluidszone: de geluidsbelasting op een bepaalde plaats, veroorzaakt door de gezamenlijke op een luchtvaarthaven landende en opstijgende luchtvaartuigen, vastgesteld volgens de in het besluit Geluidsbelasting Grote Luchtvaart opgenomen formule.

Luchthaven : een terrein geheel of gedeeltelijk bestemd voor het opstijgen en het landen van luchtvaartuigen met inbegrip van de daarmee verband houdende bewegingen van luchtvaartuigen op de grond en overige bedrijfsmatige activiteiten die verband houden met de afwikkeling van het luchtverkeer.

Luchthavenluchtverkeer : het onder het begrip luchthaven bedoelde luchtverkeer.

Luchthavengebied : het gebied dat bestemd is voor het gebruik als luchthaven.

Local rules : lokale regel waarin staat op welke wijze binnen de slotallocatie slots worden toegewezen aan ‘home based dragend verkeer’. Local rules worden gepubliceerd in de Aeronautical Information Publication (AIP) Netherlands en op de internetsite van Eindhoven Airport en zijn zo voor alle betrokkenen doorzichtig en objectief te beoordelen.

MilieuInvesteringsfonds : het milieu-investeringsfonds Eindhoven Airport en omgeving, als bedoeld in artikel 7.

Omwonenden : inwoners in het geografische gebied rondom het luchthavengebied Eindhoven .

Obstakelvlak : een vlak vanaf 120 meter van het hart van de baan met een hellingshoek
van 1 : 7, dat tot op 6 km van de uiteinden van de start- en landingsbaan bouwhoogtebeperkingen inhoudt (Annex 14 van het Verdrag van Chicago en de Luchtvaartwet).

Vliegbeweging : een deel van de vlucht dat bestaat uit een start of een landing.

Vrijwaringszone : het gebied dat ligt tussen de interim 35 Ke geluidszone 1978 (militair en civiel) en de definitieve 35 Ke-geluidszone, die in 2007 wordt vastgesteld na afronding van de aanwijzings- en zoneringsprocedure.


Artikel 2 Doelstelling

1. Partijen streven gezamenlijk naar beheersing van de geluidhinder die van het luchthavenluchtverkeer wordt ondervonden door de omwonenden en tevens naar een zo volledig mogelijke compensatie van de negatieve milieueffecten als gevolg van de groei van het luchthavenluchtverkeer. Het streven van partijen is om uiterlijk 1 januari 2016 te komen tot een klimaatneutrale luchthaven voor vertrekkende vluchten.

2. Partijen streven naar een groene inrichting van het bestaande en toekomstige luchthavengebied en de directe omgeving zodat daarmee een evenwicht tussen bebouwing en groen wordt gerealiseerd.

3. Partijen spannen zich in om binnen de ruimte die wordt geboden in de ontheffing c.q. vergunning voor burgermedegebruik van het ministerie van Defensie de groei van het luchthavenluchtverkeer mogelijk te maken.


Artikel 3 Geluidsruimte

1. De geluidsruimte ten behoeve van commercieel burger luchthavenluchtverkeer op de luchthaven Eindhoven kan in 2008 uitgroeien tot 4,74 km2 en in 2010 tot 6 km2.

2. De uiterste grens die partijen aan commercieel burger-luchthavenluchtverkeer stellen is een geluidsruimte van 6 km2.

3. Bovengenoemde groei boven 4,74 km2 is afhankelijk van de verankering daarvan in het dan geldende wettelijk regime (vergunning voor burgermedegebruik)

4. Eindhoven Airport NV zal jaarlijks in de maand oktober aan GLOBE een Gebruiksplan voorleggen, waarin wordt aangegeven wat het verwachte aantal bewegingen van het luchthavenluchtverkeer voor het komende jaar zal zijn. Eindhoven Airport NV zal daarbij aantonen dat de geprognosticeerde bewegingen van het luchthavenluchtverkeer binnen de voor dat jaar overeengekomen geluidsoppervlakte kunnen worden uitgevoerd.

5 Eindhoven Airport NV zal na afloop van ieder kwartaal aan GLOBE een overzicht voorleggen waaruit blijkt wat de feitelijk gebruikte geluidsoppervlakte is geweest in het voorgaande kwartaal en welk deel van de nog resterende ruimte in dat jaar naar verwachting zal worden gebruikt indien de aan luchtvaartmaatschappijen toegewezen en nog toe te wijzen vliegbewegingen volledig worden benut. Indien te verwachten valt dat de overeengekomen geluidsruimte in dat jaar bij ongewijzigd beleid zal worden overschreden, geeft Eindhoven Airport NV aan welke maatregelen zij zal treffen om dit te voorkomen.

6. In het wetsontwerp 30 452 tot wijziging van de Wet Luchtvaart worden handhavingspunten voorgesteld. Eindhoven Airport NV zal na afloop van ieder kwartaal aan GLOBE een overzicht voorleggen van de geluidbelasting in de handhavingspunten ten gevolge van het feitelijk gebruik van het burgervliegverkeer in het voorgaande kwartaal.

7. Jaarlijks na afloop van een kalenderjaar wordt nagegaan of het in het daaraan voorafgaande jaar door burgerluchtvaartuigen geproduceerde geluid is gebleven binnen de overeengekomen geluidsoppervlakte. Daarvoor is de Ke-berekening van een door GLOBE aan te wijzen onafhankelijk akoestisch bureau beslissend .


Artikel 4 Openstellingstijden

1. Behoudens de in lid 2 genoemde omstandigheden en de in lid 3 genoemde uitzonderingssituatie spreken partijen af dat Eindhoven Airport NV alleen burger-luchthavenluchtverkeer accommodeert:
op werkdagen tussen 07.00 - 23.00 uur,
op zaterdagen tussen 08.00 - 20.00 uur en
op zon- en feestdagen tussen 10.00 - 22.00 uur

2. De in lid 1 van dit artikel genoemde openstellingsperiode kan met één uur worden verlengd indien en voor zover een luchtvaartuig vanwege een van de volgende omstandigheden is vertraagd:
a. onvoorziene omstandigheden op het moment van vertrek;
b. verkeersleidingtechnische omstandigheden;
c. technische storingen van het luchtvaartuig of van de luchtvaarttechnische gronduitrusting;
d. extreme meteorologische omstandigheden.

3. Voor luchtvaartmaatschappijen die op de luchthaven Eindhoven een base hebben geldt voor alle dagen een openstelling van 07.00 uur tot 00.00 uur. Voor wat betreft de weekends spreken partijen af dat Eindhoven Airport NV in de fase dat zij beschikt over een geluidsruimte van 4,74 km2 in de ochtenduren tot aan de openstelling genoemd in artikel 1 niet meer dan drie home based aircraft vliegtuigen laat vertrekken. In de fase dat Eindhoven Airport NV beschikt over 6 km2 geluidsruimte is dit aantal zes.

4. Om de op de luchthaven Eindhoven gestationeerde vliegtuigen in staat te stellen aan het eind van iedere dag terug te keren naar de basisluchthaven, mag Eindhoven Airport NV, als het vliegtuig vertraagd is door één van de in het tweede lid genoemde omstandigheden, de (militaire) verkeersleiding verzoeken om het vliegtuig ook na 00.00 uur nog te laten landen.

5. Ter uitvoering en ter zekerstelling dat uitsluitend een beperkt aantal vliegtuigen van luchtvaartmaatschappijen die op de luchthaven Eindhoven gestationeerd zijn in de ochtend van de zaterdag en de zondag na 07.00 uur kunnen vertrekken, stellen partijen ´local rules´ op. Deze local rules, die als Bijlage A bij deze overeenkomst zijn opgenomen en deel uitmaken van deze overeenkomst, worden gepubliceerd in de Aeronautical Information Publication Netherlands (AIP). Eindhoven Airport NV draagt de Stichting Airport Coordination Netherlands op om niet meer slots aan op Eindhoven Airport gevestigde luchtvaartuigmaatschappijen voor de zaterdag- en zondagochtend uit te geven als overeengekomen in het vierde lid van dit artikel.


Artikel 5 Mitigerende maatregelen

1. Eindhoven Airport NV zal binnen haar mogelijkheden de volgende maatregelen nemen om de geluidsproblematiek van het burgerluchthavenluchtverkeer te beperken:

Operationele procedures:
- de (militaire) verkeersleiding wordt geadviseerd om landende luchtvaartuigen in glijvlucht te laten naderen (continious descent approach);
- de (militaire) verkeersleiding wordt geadviseerd om het gebruik van idle reverse thrust ‘s avonds bij de laatste landing te laten toepassen in plaats van full reverse thrust, voorzover de veiligheid zich daartegen niet verzet;
Selectiviteit: (weren van lawaaiige luchtvaartuigen, tarifering, luchtvaartuigtypen)
- Eindhoven Airport NV zal in de onderhandelingen met (nieuwe) luchtvaartmaatschappijen aansturen op het gebruik van zogenaamde ‘next generation’-luchtvaarttuigen.
- Eindhoven Airport NV zal de komst van marginaal conforme luchtvaarttuigen (luchtvaarttuigen aan de onderkant hoofdstuk 3 van Annex 16 die meer lawaai produceren) ontmoedigen door het deze luchtvaartuigen financieel zwaarder te belasten dan moderne luchtvaartuigtypen.
- Eindhoven Airport NV past voor landend en vertrekkend luchthavenluchtverkeer in de periode van vóór 08.00 uur en ná 18.00 uur een hoger tarief toe dan het basistarief overdag.
Exploitatie beperkingen:
- Eindhoven Airport NV stelt in samenspraak met de partijen in GLOBE local rules op die moeten bijdragen aan een beperking van de hinder voor omwonenden, met name op zon- en feestdagen (Bijlage A).
Prioritering slots:
- Eindhoven Airport NV draagt de Stichting Airport Coordination Netherlands (SACN) op de slots zodanig toe te wijzen dat de doelstellingen van deze overeenkomst zo optimaal mogelijk kunnen worden gerealiseerd.
Grondgeluid:
- ten aanzien van het proefdraaien van luchtvaartuigmotoren worden de in de milieuvergunning genoemde voorwaarden nauwlettend nageleefd. Proefdraaien vindt zoveel mogelijk plaats op tijdstippen overdag;
- 400 Hz-voeding voor luchtvaarttuigen via ondergrondse bekabeling en pits voorzien van een centrale monitoring van de 400 Hz-uitrusting voor het opstarten van luchtvaarttuigen en om te voorkomen dat geparkeerde hun EPU-systeem continue in werking moeten laten om in hun eigen energie te voorzien.

2. Eindhoven Airport NV is verantwoordelijk voor de voorbereiding, de realisatie en de instandhouding van de in dit artikel bedoelde maatregelen.

3. Eindhoven Airport NV doet in GLOBE halfjaarlijks verslag van de uitvoering die zij heeft gegeven aan dit artikel.


Artikel 6 Geluidmonitoring

1. Eindhoven Airport NV houdt de 9 bestaande, vaste geluidmeetposten in stand en beschikbaar voor informatievoorziening. Partijen, op wier grondgebied een vaste geluidsmeetpaal is voorzien, dragen, indien en voor zover bevoegd, zorg voor de noodzakelijke vergunningen, ontheffingen en toestemmingen voor zowel de oprichting van de geluidmeetpost als de noodzakelijke aansluitingen op de daartoe bestemde netwerken voor elektriciteit- en telecommunicatie.

2. Partijen zullen zich tot het uiterste inspannen om toestemming van het ministerie van Defensie te verkrijgen voor het koppelen van de geluidmeetposten aan het routebewakingssysteem (RBS) dat opgesteld staat in het Basis Informatie Centrum op de Vliegbasis Eindhoven en om de beschikking te verkrijgen over de meetgegevens met betrekking tot het burger- luchthavenluchtverkeer.

3. Partijen onderzoeken in hoeverre de meetgegevens kunnen bijdragen aan de optimalisering van de vertrek- en naderingsroutes zodat woonkernen rondom het luchthavengebied zoveel mogelijk worden vermeden en ter bewaking van het correct vliegen van deze routes.
Op basis van de resultaten adviseren de partijen het ministerie van Defensie over normering dan wel hinderbeperkende maatregelen.


Artikel 7 Milieu-investeringsfonds Eindhoven Airport en omgeving

1. Partijen richten een Milieu-investeringsfonds Eindhoven Airport en omgeving op. In dit fonds worden in ieder geval de boetebedragen als bedoeld in artikel 14, vierde lid, gestort. Andere bronnen van inkomsten kunnen zijn de jaarlijkse dividenden van aandeelhouders van Eindhoven Airport, subsidies van rijk, provincie en gemeenten, en bijdragen uit het bedrijfsleven.

2. Het in lid 1 genoemde fonds heeft tot doel de woon- en leefomgeving van de luchthaven Eindhoven te verbeteren door een gezamenlijk milieuprogramma van Eindhoven Airport, de provincie en de omringende gemeenten waardoor primair in en rondom het luchthavengebied innovatieve projecten op het gebied van het milieu kunnen worden geïnitieerd en lopende projecten voor de toekomst kunnen worden veilig gesteld en secondair ten gunste van het mondiaal klimaat in brede zin.

3. Het in lid 1 genoemde fonds wordt instandgehouden door een door partijen op te richten stichting.

4. De Stichting Milieufonds Woonomgeving Eindhoven Airport zal na oprichting van het Milieu-investeringsfonds Eindhoven Airport en omgeving worden ontbonden. Na de vereffening zal een batig saldo worden overgemaakt aan het Milieu-investeringsfonds Eindhoven Airport en omgeving.


Artikel 8 Vrijwaringszone

Partijen doen vooraf mededeling aan Eindhoven Airport NV indien zij op basis van de thans vigerende bestemmings-, uitwerking- of wijzigingsplannen en zelfstandige projectbesluiten besluiten tot de verlening van een vergunning of vrijstelling voor het bouwen van een woning binnen het gebied dat ligt tussen de interim 35 Ke geluidszone 1978 (militair en civiel) en de definitieve 35 Ke-geluidzone na afronding van de thans lopende aanwijzings- en zoneringsprocedure. Partijen zullen meewerken aan dan wel er op toezien dat nieuwe ruimtelijke (niet-conserverende) plannen voor dit gebied planologisch de status krijgen van vrijwaringszone, waarbinnen geen woningen mogen worden gebouwd.


Artikel 9 Obstakelvrije zones

Partijen zullen niet eerder meewerken aan het verlenen van vergunningen of toestemmingen tot het oprichten of uitbreiden van gebouwen, masten, windmolens e.d. binnen het obstakelvlak van de luchthaven Eindhoven dan na overleg met Eindhoven Airport N.V.


Artikel 10 Voorstellen aan het Rijk

1. Partijen zullen zich tot het uiterste inspannen om te bewerkstelligen dat het Rijk het burgermedegebruik op de luchthaven Eindhoven zodanig in de luchtvaartregelgeving opneemt dat het normenstelsel met betrekking tot milieu- en veiligheidsvoorschriften voor de burgerluchtvaart, inclusief de handhaving ervan, niet wezenlijk verschilt van wat elders op burgerluchthavens geldt. Daarbij hoort ook de aanwijzing van de burgerexploitant als verantwoordelijke voor het burgermedegebruik van de luchthaven.

2. Eindhoven Airport NV zal zich onthouden tot het indienen van verzoeken bij het bevoegd gezag waarin om een ruimer burgermedegebruik van de luchthaven Eindhoven wordt verzocht dan partijen in deze overeenkomst hebben afgesproken. Hetzelfde geldt voor de overige partijen als het gaat om het mindere.


Artikel 11 Instelling GLOBE

1. Partijen wijzen ieder een vertegenwoordiger aan die deelneemt aan een Gezamenlijk Luchthaven Omwonenden Beraad Eindhoven (GLOBE).

2. Partijen richten tevens een agendacommissie van GLOBE in, waarin van elk van hen een of twee leden aanwijst. De werkgroep komt vier maal per jaar bijeen en bewaakt en begeleidt de uitvoering van deze overeenkomst.

3. De leden van GLOBE en de leden van de begeleidingswerkgroep zijn gevolmachtigd de partij, door wie zij zijn afgevaardigd, te vertegenwoordigen.

4. Waar deze overeenkomst een handelen van GLOBE bepaalt, leiden partijen het ertoe dat GLOBE deze verplichting nakomt.

5. GLOBE draagt ervoor zorg dat omwonenden van de luchthaven Eindhoven periodiek worden geïnformeerd over de in deze overeenkomst bedoelde maatregelen.

6. Partijen bevorderen dat het ministerie van Defensie bij het nemen van besluiten ten aanzien van burgermedegebruik deze overeenkomst in acht neemt.

7. GLOBE wordt nader geregeld bij afzonderlijk instellingsbesluit (Bijlage D).


Artikel 12 Bewaking uitvoering overeenkomst

1. Ieder van partijen kan jegens iedere andere partij aanspraak maken op nakoming van deze overeenkomst.

2. Op aangeven van de secretaris van GLOBE stelt GLOBE uiterlijk in maart van ieder jaar een Rapportage vast over het voorafgaande jaar.

3. De Rapportage bevat een verslag van de wijze waarop in de verslagperiode uitvoering is gegeven aan deze overeenkomst. In het verslag wordt melding gemaakt van een eventuele schending van deze overeenkomst.

4. De secretaris van GLOBE zendt een voorstel-Rapportage aan alle partijen bij deze overeenkomst en aan de COVM.

5. Na vaststelling van de Rapportage door GLOBE, maakt de secretaris van GLOBE de Rapportage via een eigen website voor eenieder kosteloos toegankelijk.


Artikel 13 Geschillenbeslechting

1. Verschillen in opvatting over de tekst van en toelichting bij deze overeenkomst zullen worden opgelost in goed overleg binnen GLOBE.

2. Bij geschillen wordt onderscheid gemaakt tussen schendingen van voorbijgaande aard, die in de regel een éénmalig karakter hebben, en schendingen die voortduren en daarmee het wezen van de overeenkomst aantasten.

3. Een partij die van mening is dat een andere partij de overeenkomst kortstondig heeft geschonden meldt dit aan de secretaris van GLOBE die de schending onderzoekt. Erkent de aangesproken partij de overtreding, dan verbeurt deze een boete van € 7.000,- voor iedere gebeurtenis. Ontkent de aangesproken partij de schending of vindt deze partij dat er sprake is geweest van omstandigheden die de schending rechtvaardigen, dan beslist GLOBE of er een boete wordt verbeurt en of er redenen zijn om de boete te matigen.

4. Boetebedragen worden gestort in het Milieu-investeringsfonds Eindhoven Airport en omgeving, zoals bedoeld in artikel 7.

5. Over schendingen die het wezen van de overeenkomst aantasten beslist de gewone rechter. Een beslissing van de rechter wordt echter niet eerder ingeroepen dan nadat het vinden van een oplossing door middel van overleg binnen GLOBE, volgens de hierna uitgewerkte procedure, vruchteloos is gebleken.

6. Een partij die meent dat een andere partij deze overeenkomst niet nakomt, kan de partij die in gebreke blijft om nakoming van deze overeenkomst vorderen en deelt dat schriftelijk mede aan de andere partij(en) en aan de secretaris van GLOBE. De mededeling bevat een aanduiding van de ingebrekestelling.

7. Binnen één maand na de dagtekening van de in het eerste lid bedoelde mededeling zendt elke partij zijn zienswijze omtrent de schending, alsmede een mogelijke oplossing daarvan, aan de andere partij(en) en aan de secretaris van GLOBE.

8. Binnen één maand na afloop van de in het zevende lid genoemde termijn overleggen partijen binnen GLOBE over een oplossing van het geschil.

9. Indien na het overleg als bedoeld in het achtste lid een partij van mening blijft dat de schending van de overeenkomst blijft voortduren, kan ieder van partijen de tussenkomst van rechter inroepen en vorderen dat de in gebreke blijvende partij veroordeeld wordt tot nakoming van deze overeenkomst en vorderen dat de rechter aan de schending de verbeurte van een dwangsom verbindt.

10. Elke partij betaalt haar eigen (buiten)gerechtelijke kosten.


Artikel 14 Beëindiging

1. Ieder van partijen is gerechtigd de overeenkomst te beëindigen. De beëindiging kan slechts plaatshebben, indien ten minste tweederde van partijen in GLOBE daarmee heeft ingestemd. Beëindiging geschiedt door middel van een aangetekende brief aan partijen en bevat de gronden van beëindiging.

2. Partijen kunnen alleen in rechte de ontbinding van deze overeenkomst vorderen en alleen dan, indien sprake is van schendingen die voortduren en daarmee het wezen van de overeenkomst aantasten. Daarnaast kan Eindhoven Airport NV in rechte de ontbinding van de overeenkomst vorderen als de uitwerking van de overeenkomst, ook na herhaald overleg binnen GLOBE, zodanig onredelijk is dat het voortbestaan van Eindhoven Airport NV direct wordt bedreigd.

3. Indien de rechter de overeenkomst ontbindt, dan houdt de overeenkomst voor alle partijen op te gelden.

4. Elke partij betaalt haar eigen (buiten)gerechtelijke kosten.


Artikel 15 Evaluatie

1. Op aangeven van de secretaris van GLOBE doen partijen jaarlijks in GLOBE verslag van de uitvoering van deze overeenkomst.

2. GLOBE zal het verslag telkens uiterlijk op 1 maart aan partijen aanbieden.


Artikel 16 Looptijd

1. Deze overeenkomst treedt in werking op de datum van ondertekening en wordt aangegaan voor de duur van 10 jaren en geldt daarmee uiterlijk tot 1 januari 2018.

2. Tenminste een half jaar vóór het verstrijken van de looptijd van deze overeenkomst bespreken partijen met elkaar de wenselijkheid van een nieuwe regionale overeenkomst.


Artikel 17 Veiligheid en internationale regelgeving

Mocht blijken dat een in deze overeenkomst opgenomen maatregel niet realiseerbaar is om redenen van veiligheid of internationale technische of operationele regelgeving, dan treden partijen in overleg. Zij komen een zodanige aanpassing van de maatregel overeen dat deze wél realiseerbaar is en de inhoud van de niet-realiseerbare maatregel zoveel als mogelijk wordt benaderd, tenzij de maatregel in geen enkele vorm realiseerbaar is.


Artikel 18 Rijksoverheid

Deze overeenkomst laat het bij en krachtens de wet bepaalde en de beleidsvrijheid van de
minister van Defensie en de minister van Verkeer en Waterstaat onverlet.

Artikel 19 Diverse bepalingen

Publiekrechtelijke bevoegdheid
1. De overheidspartijen bij deze overeenkomst sluiten deze overeenkomst uitsluitend in hun civielrechtelijke hoedanigheid. De bestuursorganen van deze rechtspersonen zijn bij de uitoefening van hun publiekrechtelijke bevoegdheden niet aan deze overeenkomst gebonden.

Wijzigingen
4. Deze overeenkomst kan slechts schriftelijk worden gewijzigd of aangevuld.

Bijlagen
5. De bijlagen bij deze overeenkomst vormen daarvan een integraal onderdeel. Ingeval van strijdigheid tussen het bepaalde in een bijlage en de regionale overeenkomst prevaleert de overeenkomst.

Ongeldigheid
6. Indien een bepaling van deze overeenkomst in enige mate als nietig, vernietigbaar, ongeldig,
onwettig of anderszins als niet-bindend moet worden beschouwd, zal die bepaling, voor zover nodig, uit deze overeenkomst worden verwijderd en worden vervangen door een bepaling die wél bindend en rechtsgeldig is en die de inhoud van de niet-geldige of niet-bindende bepaling zoveel als mogelijk benadert. Het overige deel van de overeenkomst blijft in een dergelijke situatie ongewijzigd.

Nadere uitwerking
7. Mocht een partij bij de uitvoering van deze overeenkomst vaststellen dat een bepaling daarvan nadere uitwerking behoeft om aan haar doel te beantwoorden, dan treden partijen in overleg.

Onvoorziene omstandigheden
8. Partijen treden eveneens met elkaar in overleg indien zich onvoorziene omstandigheden voordoen welke van dien aard zijn dat naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid ongewijzigde instandhouding van deze overeenkomst niet mag worden verwacht.

Publicatie
9. De tekst van deze overeenkomst wordt na de inwerkingtreding bekend gesteld op de internetsite van GLOBE.

Toetreding nieuwe partijen
10. GLOBE besluit over verzoeken van derden om lid te mogen worden van GLOBE. Toetreding betekent dat een nieuwe partij verklaart het met de inhoud van de overeenkomst eens te zijn en dit laat blijken door ondertekening van de overeenkomst. Nieuwe gemeenten kunnen worden toegelaten voor zover zij liggen binnen de 20 Ke-zone van het vliegveld.

Verval van vorige overeenkomsten
11. Met het in werking treden van deze overeenkomst vervallen de overeenkomsten van 2000 en 2003.


Aldus overeengekomen en ondertekend te Eindhoven op .... december 2007.



Partijen,



gemeente Best,


gemeente Eersel,


gemeente Eindhoven,


gemeente Oirschot,


gemeente Veldhoven,


provincie Noord-Brabant,


Vereniging Belangenbehartiging,


Brabantse Milieu Federatie (BMF),


Omwonenden Welschap (BOW),


Eindhoven Airport NV,







Toelichting op de 'gemoderniseerde' Regionale Overeenkomst


Algemene toelichting


Trots op de Regionale Overeenkomst
Negen partijen zijn trots op de Regionale Overeenkomst die zij in 2000 rond Eindhoven Airport hebben gesloten. Deze Overeenkomst geeft garanties aan gemeenten, provincie, luchthaven, milieubeweging en omwonenden dat de groei van de regionale luchtvaart past bij wat het woon- en leefklimaat in de regio Eindhoven kan verdragen. De luchthaven Eindhoven (of Eindhoven Airport NV) verzorgt onder andere verbindingen met andere Europese kennisregio’s waarvoor het stelsel van hoge snelheidstreinen voor de reiziger (nog) ontoereikend is. 

De afspraken tussen partijen hebben er voor gezorgd dat in 2007 via de luchthaven ruim 5 keer zoveel passagiers hun reisbestemming bereiken als zeven jaar geleden. En toch vinden er minder vliegbewegingen plaats, door de komst van grotere, stillere vliegtuigen. Een rondgang langs regionale luchthavens in binnen- en buitenland leert dat de Regionale Overeenkomst Eindhoven Airport uniek in zijn soort is. Nergens zijn de afspraken over de maatschappelijke beperkingen van een luchthaven qua geluidproductie, milieuaspecten en openingstijden zo goed voor de omgeving geborgd als rond deze luchthaven.

Openbreken alleen in uiterste noodzaak
Voor het openbreken van de Regionale Overeenkomst moeten dan ook goede redenen zijn. Die was er in 2003 toen verouderde nationale regelgeving de komst van grotere, maar stillere vliegtuigen tegenhield. Mede dankzij de bereidheid van de BOW is er toen voor gekozen om de Overeenkomst aan te passen. De toegestane geluidruimte werd verder ingekrompen in ruil voor meer grotere, maar stillere vliegtuigen. Zo werd milieuwinst teruggegeven aan de omgeving. Zonder aanpassing van de Overeenkomst in 2003 was de huidige passagiersgroei van Eindhoven Airport niet mogelijk geweest. En had de Staatssecretaris van Defensie waarschijnlijk de verouderde regelgeving niet aangepast.

Een uiterste noodzaak voor het openbreken van de huidige Overeenkomst is anno 2007 weer aan de orde. En weer zijn het externe factoren die de aanpassing bepalen. Het ontbreekt de luchthaven aan een meer duurzame relatie met een of meer luchtvaartmaatschappijen. Dat betekent dat de luchthaven volstrekt onvoldoende grip heeft op de marktmacht van die maatschappijen. Dat maakt Eindhoven Airport kwetsbaar in haar continuïteit en de regio kwetsbaar als het gaat om het verlies aan werkgelegenheid. Want in een straal van nog geen 100 kilometer ontwikkelen luchthavens als Weeze, Brussel en Düsseldorf zich zeer voorspoedig. Daar komt nog eens bij de invoering van de Nederlandse ticketbelasting van ruim 11 euro per vertrekkende passagier. Het dreigement van sommige luchtvaartmaatschappijen om vluchten over te hevelen van Eindhoven Airport naar buitenlandse luchthavens moet dan ook serieus worden genomen.

Geen Brainport zonder Airport
In de Nota Ruimte wordt Zuidoost-Brabant de status verleend van “Brainport”. Dit gebeurt “op grond van haar internationale vooraanstaande en toonaangevende positie op het gebied van onderzoek en ontwikkeling”. In de nota “Gebiedsgerichte Economische Perspectieven” van het ministerie van Economische Zaken staat dat deze regio “in tien jaar tijd zich moet kunnen meten met de technologische topregio’s in de wereld”. Kortom, er wordt hoge prioriteit gegeven aan de ontwikkeling van de regio Zuidoost-Nederland tot een internationaal economisch kerngebied dat gekenmerkt wordt door hoogtechnologische en industriële bedrijvigheid. Een beheerste groei van Eindhoven Airport is daarbij een belangrijke voorwaarde. Internationale uitstraling en bereikbaarheid van de regio zijn onmisbaar voor de bestaande en toekomstige hightech ondernemers. Een luchthaven met regelmatige vluchten naar een breed aanbod van bestemmingen is hierbij cruciaal. Eindhoven Airport wil de thuisbasis zijn voor een luchtvaartmaatschappij van betekenis. Daardoor wordt de regio Zuidoost-Nederland meerdere malen per dag verbonden met 6 tot 10 Europese hightech regio’s.

Continuïteit luchthaven vereist base vorming
De enige manier voor Eindhoven Airport om minder afhankelijk te worden van de marktmacht van luchtvaartmaatschappijen is dat er één of meer bases op de luchthaven worden gevestigd. Vestiging van een base betekent dat de band tussen luchthaven en home base carrier wordt versterkt. Er ontstaan nieuwe verbindingen. Base vorming levert extra directe en indirecte werkgelegenheid. Per miljoen passagiers om 300 tot 500 arbeidsplaatsen . De luchthaven en de regio krijgen bovendien meer mogelijkheden om invloed op nieuwe bestemmingen uit te oefenen, omdat de luchthaven niet meer alleen vanuit een beperkt aantal andere Europese bases wordt aangevlogen, maar ook met de eerste vluchten zelf andere luchthavens aanvliegt. Base vorming is in de huidige omstandigheden noodzakelijk voor de continuïteit van Eindhoven Airport en daarmee voor de rol die de luchthaven in het kader van Brainport dient te vervullen. Om aan het uitgangspunt van geleidelijke groei tegemoet te komen, zal in 2008 worden gestart met een kleine base. Maximaal drie vliegtuigen mogen op alle dagen van de week gedurende 17 uur starten en landen op Eindhoven Airport. In 2010 wordt dit aantal vliegtuigen maximaal verdubbeld tot zes.

Beperkte aanpassing van openingstijden
Daarmee is de luchthaven voor base vliegtuigen op werkdagen 1 uur langer open dan nu het geval is. Tussen 23.00 en 24.00 uur kunnen 3 (2008-2010) respectievelijk 6 (na 2010) vliegtuigen in glijvlucht op Eindhoven Airport terugkomen. Op zaterdag en zondag vertrekken deze vliegtuigen vanaf 07.00 uur en komen uiterlijk om 24.00 uur terug.

Geluid
‘Vliegen op geluid’ is en blijft het uitgangspunt voor partijen in Globe. Dat was de grondslag onder de Regionale Overeenkomst van 2000, van 2003 en ook van 2007. Een eigen geluidruimte geeft Eindhoven Airport de stimulans om zaken te doen met luchtvaartmaatschappijen die beschikken over de meest stille vliegtuigen. De systematiek van berekeningen voor de geluidoppervlakte (Ke of Lden), inclusief straffactoren voor vliegen op vroege en late tijdstippen, is voor partijen in Globe dan ook de beste manier om de groei van de luchtvaart op Eindhoven Airport beheersbaar en duurzaam te borgen. Een dergelijke berekeningswijze is bovendien nauwkeuriger dan het meten van geluid (via geluidpalen).

In de Regionale Overeenkomst van 2000 is een grens gesteld aan de jaarlijkse geluidproductie van de burgerluchtvaart op Eindhoven Airport van 4,65 km2. Acht jaar later behoeft deze omvang niet of nauwelijks te worden aangepast: 4,74 km2 is voldoende om ook een kleine base te vestigen. Dankzij het toegenomen aandeel van grotere, stillere vliegtuigen kan de luchthaven enkele jaren doorgroeien en met dit geluidoppervlakte uiteindelijk acht keer zoveel passagiers laten vervoeren als in 2000. Dan is met bijna 2,5 miljoen passagiers een nieuwe grens bereikt.

Overigens is de verwachting dat de rijksoverheid pas bij de inwerkingtreding van de wet RBML Eindhoven Airport in staat stelt om daadwerkelijk ‘op geluid te vliegen’. In 2008 zal nog gewerkt moeten worden met een limiet in het aantal vliegbewegingen, die op ruim 21.000 zal liggen.

Een Regionale Overeenkomst wordt niet voor enkele jaren gesloten. Deze gemoderniseerde Regionale Overeenkomst kent een looptijd tot 1 januari 2018, dus 2 jaar nadat er sprake moet zijn van een klimaatneutrale luchthaven voor vertrekkende vliegtuigen. Partijen in Globe komen overeen dat voor de periode 2011-2018 een iets grotere base op Eindhoven Airport kan worden gevestigd, die bestaat uit maximaal 6 vliegtuigen. Een verdere groei naar 4 tot 5 miljoen passagiers vergt alsdan een geluidruimte van maximaal 6 km2. Hiervoor zal door de rijksoverheid een Luchthavenbesluit moeten worden voorbereid.

Milieu
Sinds 2005 gelden in ons land Europese normen voor fijn stof en vanaf 2010 voor stikstofoxiden.
In de Regionale Overeenkomsten van 2000 en 2003 zijn geen bepalingen voor uitstoot van deze stoffen opgenomen. Dat geldt ook voor de broeikasgaseffecten van de luchtvaart van en naar Eindhoven Airport.

De klimaatproblematiek, en de bijdrage daaraan van de luchtvaart, heeft in de publieke discussie de afgelopen tijd terecht veel aandacht gekregen.
Partijen in Globe zijn dan ook van mening dat additionele emissies als gevolg van de groei van de luchtvaart gecompenseerd moeten worden. Dat geldt voor NOx, fijn stof, maar ook voor CO2. In opdracht van Eindhoven Airport, in samenwerking met de Brabantse Milieufederatie, heeft bureau CE eind 2005 voorstellen voor een proactieve milieustrategie voor Eindhoven Airport uitgewerkt . Enkele van de voorstellen uit het rapport van CE zijn inmiddels door de luchthaven overgenomen, zoals het plaatsen van roetfilters op taxi’s en de campagne ‘Natuurlijk Vliegen’ waarmee passagiers vrijwillig hun CO2 emissies kunnen compenseren.

2008: Maatregelenpakket lokale luchtverontreiniging
De groei van de luchtvaart draagt bij aan verslechtering van de lokale luchtkwaliteit en aan opwarming van de aarde (CO2 emissies).

CE heeft berekend dat bij een groei tot 2,5 miljoen passagiers in de nabijheid van de luchthaven maatregelen moeten worden getroffen om de lokale luchtkwaliteit op peil te houden. Met de inbouw van roetfilters op bussen en vuilnisauto’s kan de toename van fijn stof worden gecompenseerd. Eindhoven Airport heeft inmiddels een bijdrage geleverd door roetfilters op taxi’s, die de luchthaven aandoen, in te laten brengen. De reductie van NOx vergt een andere aanpak, bijvoorbeeld door bussen op aardgas te laten rijden.

De ambitie van Globe is dat vanaf 2008 de lokale luchtkwaliteit als gevolg van de groei van de burgerluchtvaart van en naar Eindhoven Airport niet mag verslechteren. Hiertoe zal, in samenhang met de milieuprogramma’s van de provincie en de omringende gemeenten, een maatregelenpakket worden uitgewerkt, onder andere gebaseerd op voorstellen uit het rapport van CE.

2016: een klimaatneutrale luchthaven
Klimaatverandering is een mondiaal probleem. De luchtvaart draagt door het brandstofverbruik bij aan de klimaatverandering. Naar verwachting zal de Europese Commissie na 2010 ook de luchtvaart onderbrengen in het emissiehandelssysteem. Sommige luchtvaartmaatschappijen die van en naar Eindhoven Airport vliegen, bieden passagiers de mogelijkheid van een vrijwillige bijdrage om de schadelijke uitstoot te compenseren. Aangezien andere luchtvaartmaatschappijen weigeren om een dergelijk systeem in te voeren, heeft Eindhoven Airport in 2007 een systeem met computerzuilen ingevoerd om consumenten bewust te maken van de klimaatverandering (als gevolg van de luchtvaart) en hen in de gelegenheid te stellen een financiële bijdrage te leveren.

De ambitie van Globe is dat Eindhoven Airport uiterlijk in 2016 een klimaatneutrale luchthaven is, op basis van vertrekkende vluchten. Dit streven kan worden bereikt door a) emissiehandelssystemen, b) vrijwillige bijdragen van consumenten bij de aankoop van tickets, c) vrijwillige bijdragen van consumenten op Eindhoven Airport en d) bijdragen uit regionale fondsen.

Milieu Investeringsfonds Eindhoven Airport
De kosten van emissiereducerende maatregelen in de omgeving van de luchthaven worden gefinancierd uit een op te richten Milieu Investeringsfonds Eindhoven Airport.
De voeding van het fonds komt vanuit:
• Specifieke bijdragen Eindhoven Airport
• Boetes Regionale Overeenkomst
• Vertrekkende passagiers
• Dividenden aandeelhouders Eindhoven Airport
• Projectbijdragen provincie en gemeenten
• Europese en nationale cofinanciering
• Sponsoring bedrijfsleven

De omvang van het fonds is een gezamenlijke verantwoordelijkheid van alle partners in Globe waarbij een substantieel deel moet komen uit de projectfinanciering door de diverse overheden. De omvang van het fonds dient vanaf 2008 structureel minimaal 1 miljoen euro per jaar te bedragen. Uit dit fonds worden projecten gefinancierd die er voor zorgen dat de emissies vanwege de groei van de luchtvaart tenminste worden gecompenseerd.

Maatschappelijk draagvlak voor verdere groei
Door de economische betekenis van de luchthaven en misschien ook wel door de open opstelling van Eindhoven Airport naar de omgeving, staan inwoners van de regio positief tot zeer positief tegenover Eindhoven Airport. Dit blijkt uit omgevingsonderzoeken uitgevoerd in opdracht van de provincie Noord-Brabant en het Eindhovens Dagblad .



A R T I K E L S G E W I J Z E T O E L I C H T I N G

Artikel 1 Begripsbepalingen

In dit artikel is een aantal begrippen die van toepassing zijn op deze overeenkomst omschreven.

Artikel 2 Doelstelling

Uitgangspunt van deze Regionale Overeenkomst is een duurzame ontwikkeling van de burgerluchtvaart van en naar de regio Eindhoven. Doel van de eerste Regionale Overeenkomst in 2000 was om vast te leggen hoe de ontwikkeling van de burgerluchtvaart op de luchtvaart Eindhoven binnen milieurandvoorwaarden het beste kon worden gerealiseerd. Het ging toen voornamelijk om de beheersing om de negatieve effecten van geluid. In deze overeenkomst is als doelstelling toegevoegd een zo volledig mogelijke compensatie van de negatieve milieueffecten als gevolg van de groei van het luchthavenluchtverkeer. De ambitie van partijen is om uiterlijk 1 januari 2016 te komen tot een klimaatneutrale luchthaven voor vertrekkende vluchten.

Artikel 3 Geluidsruimte

Voor een duurzame ontwikkeling van de burgerluchtvaart van en naar de regio Eindhoven is meer geluidsruimte nodig, met name voor het vestigen van een kleine base. In het kader van deze Regionale Overeenkomst spreken partijen af dat de oppervlakte van de civiele 35 Ke geluidscontour in 2008 wordt vastgesteld op 4,74 km2. Deze komt overeen met het zogenaamde Planalternatief 2 in de milieueffectrapportage voor van de geluidzonering van de luchthaven Eindhoven, die naar verwachting in 2007 zal worden afgerond. Deze geluidsruimte zal in 2010/2011 worden vergroot tot 6 km2.
Eindhoven Airport benutte in 2006 nog maar 35% van de geluidsruimte voor civiele commercieel luchthavenvliegverkeer die in 1979 werd berekend (ca. 14 km2). Dit komt doordat moderne verkeersvliegtuigen aanzienlijk geluidsarmer zijn geworden.

Een van de instrumenten om de geluidhinder in een bepaald gebied te beperken is het toepassen van een geluidscontour, waarbuiten een gespecificeerde grenswaarde, de 35 Ke grens, niet mag worden overschreden. Dit wordt voor militaire luchthavens met burgermedegebruik na het van kracht worden van de Regeling Burger Luchthavens en Militaire Luchthavens (RBML) niet anders. Eindhoven Airport dient er voor te zorgen dat zij binnen de aan haar toe te wijzen civiele 35 Ke geluidsruimte te blijven. De instrumenten die zij daartoe kan gebruiken zijn omschreven in artikel 3. Het ministerie van Defensie is verplicht om de naleving van de 35 Ke geluidsruimte wettelijk te handhaven.

Artikel 4 Openstellingstijden

Voor luchtvaartmaatschappijen die Eindhoven Airport als thuisbasis wensen te gebruiken is het noodzakelijk dat vluchtoperaties niet alleen op doordeweekse dagen worden uitgevoerd, maar ook in de weekeinden. De openstelling van Eindhoven Airport op zaterdagen en zon- en feestdagen wordt door luchtvaartmaatschappijen als beperkend ervaren. In deze overeenkomst zijn de openstellingstijden zo geformuleerd dat het vliegveld op alle dagen, inclusief de zaterdag en de zondag, open is voor de commerciële burgerluchtvaart tussen 07.00 en 23.00 uur en een extensieregeling van één uur. Voor op de luchthaven gestationeerde vliegtuigen geldt een terugkeergarantie na 00.00 uur. In de praktijk zal hierop naar verwachting slechts in zeer incidentele gevallen een beroep hoeven te worden gedaan. Het openstellen van de luchthaven Eindhoven voor nachtelijk vliegverkeer is geen optie, ook niet in de toekomst.

De uitbreiding van de openingstijd op de zaterdag- en zondagochtend geldt in de fase waarin Eindhoven Airport NV kan beschikken over een jaarlijkse geluidsruimte van 4,74 km2 alleen voor home based carrier(s), waaraan bovendien limiet van drie vertrekkende vliegtuigen is verbonden. In de tweede fase, waarbij een jaarlijkse geluidsruimte van 6 km2van toepassing is, is een limiet van zes vertrekkende vliegtuigen verbonden. Uitgifte van de slots voor vertrekkende vliegtuigen in de weekends vindt plaats door de Stichting Airport Coordination Netherlands (SACN) op Schiphol op basis van vooraf door GLOBE vast te stellen ‘local rules’. Deze local rules worden opgenomen in Bijlage A, die deel uitmaakt van deze overeenkomst.

Voor vertrekkende vliegtuigen hanteert Eindhoven Airport het uitgangspunt dat burgervliegtuigen in principe niet meer na 22.00 uur vertrekken.

Artikel 5 Mitigerende maatregelen

In dit artikel wordt een opsomming gegeven van additionele maatregelen door Eindhoven Airport N.V., zonder daartoe wettelijk verplicht te zijn, om de geluidsproblematiek van de burgerluchtvaart te beperken.

Artikel 6 Geluidsmonitoring

Dit artikel legt de basis voor het monitoren van geluid afkomstig van vliegtuigen in de omgeving van het vliegveld Eindhoven. Eindhoven Airport heeft 9 geluidsmeetposten aangeschaft die inmiddels zijn geïnstalleerd op verschillende locaties op en rond de luchthaven. De locaties zijn door GLOBE aangewezen. Gemeentelijke partijen hebben er voor gezorgd dat de vereiste vergunningen en/of ontheffingen zijn verkregen. Van groot belang is dat de informatie afkomstig van de geluidsmeetpalen kan worden gekoppeld aan het al bestaande routebewakingssysteem. Partijen zullen zich inspannen om daarvoor toestemming van het ministerie van Defensie te verkrijgen.

Artikel 7 Milieu-investeringsfonds Eindhoven Airport en omgeving 

Het Milieu-investeringsfonds Eindhoven Airport en omgeving heeft tot doel de woon- en leefomgeving van de luchthaven Eindhoven te verbeteren door een gezamenlijk milieuprogramma van Eindhoven Airport, de provincie en de omringende gemeenten waardoor primair in en rondom het luchthavengebied innovatieve projecten op het gebied van het milieu kunnen worden geïnitieerd en lopende projecten voor de toekomst kunnen worden veilig gesteld en secundair ten gunste van het mondiaal klimaat in brede zin. Projecten die voor financiering vanuit het Milieufonds in aanmerking komen, moeten voldoen aan de criteria genoemd in Bijlage E.

Artikel 8 Vrijwaringszone

Provinciale- en gemeentelijke partijen zullen er voor moeten zorgen dat binnen het gebied dat ontstaat als gevolg van een verkleining van de 35 Ke geluidszone bij de vaststelling van een nieuwe geluidszone geen nieuwe geluidsgevoelige bebouwing zal plaatsvinden. Een en ander voor zover de Wet op de ruimtelijke ordening dit toelaat. Met het handhaven van de bestaande planologische situatie wordt voorkomen dat bebouwing oprukt richting de luchthaven.

Artikel 9 Obstakelvrije zones

Obstakelvrije zones dienen om luchtvaartuigen een veilige start c.q. landing te kunnen laten uitvoeren. Voordat gemeenten en/of provincie besluiten om mee te werken aan het verlenen van vergunningen tot het oprichten of uitbreiden van gebouwen, masten, windmolens e.d. in de nabijheid van de luchthaven Eindhoven zullen zij alvorens een vergunning ter zake wordt afgegeven c.q. aangevraagd, eerst in overleg treden met Eindhoven Airport NV.

Artikel 10 Voorstellen aan het Rijk

In dit artikel wordt de wens van partijen benadrukt om het burgermedegebruik op de militaire luchthaven Eindhoven zodanig te regelen dat de wettelijke regels waaraan de burgerluchtvaart zich dient te houden vergelijkbaar zijn met die op andere regionale burgerluchthavens, opdat Eindhoven Airport kan opereren in een normale concurrentieverhouding met andere regionale luchthavens (level playing field).

Artikel 11 Instelling GLOBE

Bij de uitvoering van de Regionale Overeenkomst is een belangrijke taak weggelegd voor het Gezamenlijke Luchthaven-Omwonenden Beraad Eindhoven (GLOBE). Het overlegorgaan is samengesteld uit negen vertegenwoordigers: de provincie Noord-Brabant, de gemeenten Eindhoven, Best, Eersel, Oirschot en Veldhoven, de vereniging Belangenbehartiging Omwonenden Welschap, de Brabantse Milieu Federatie, en Eindhoven Airport NV. Het voorzitterschap en het secretariaat worden vervuld door een onafhankelijk voorzitter en secretaris. Eindhoven Airport stelt vergaderfaciliteiten ter beschikking.

De belangrijkste taken van dit overlegorgaan zijn: 

-  toezicht op de uitvoering van de afspraken uit de overeenkomst; 
-  het zoeken naar oplossingen inzake geschillen die rijzen naar aanleiding van de uitleg en of toepassing van de overeenkomst; 
-  (voor)overleg over beleidsmatige en operationele zaken; 
-  Ter voorbereiding van (bestuurlijk) GLOBE functioneert een zogeheten Agendacommissie onder voorzitterschap van de secretaris van GLOBE; 
-  overleg over feitelijke ontwikkelingen.

Het overlegorgaan handelt op basis van gelijkwaardigheid van alle partners en volledige overeenstemming. Het zal elan moeten brengen in de uitvoering van de overeenkomst en met name de milieumaatregelen.


Artikel 12 Bewaking uitvoering overeenkomst

Door middel van verslaglegging en openbaarmaking van de activiteiten binnen GLOBE kan iedereen, niet alleen partijen maar ook burgers, controleren of deze overeenkomst genoegzaam door partijen wordt nageleefd.

Artikel 13 Geschillenbeslechting

Iedere partij is bevoegd om een geschil dat voortkomt uit de toepassing c.q. interpretatie van deze regionale overeenkomst en de daarmee samenhangende afspraken, voor te leggen aan de gewone rechter. Gelet op de negatieve gevoelens die partijen na een reeks van juridische gedingen in de afgelopen jaren hebben overgehouden, zullen zij trachten om opkomende geschillen in eerste instantie zelf onderling op te lossen langs de weg van (niet bindende) bemiddeling en advies. De weg van bemiddeling en advies is omschreven in de leden 2 tot en met 4 van dit artikel. Hierin speelt het overlegplatform GLOBE een voorname rol.

Artikel 14 Beëindiging

Dit artikel beschrijft op welke wijze partij(en) deelname aan deze overeenkomst kunnen beëindigen c.q. de overeenkomst kunnen ontbinden.

Artikel 15 Evaluatie

Partijen bespreken jaarlijks aan de hand van een door secretaris op te stellen rapportage het functioneren van de Regionale Overeenkomst en GLOBE.

Artikel 16 Looptijd

Deze overeenkomst wordt aangegaan voor een periode van 10 jaar (2008-2018). In 2017 wordt tenminste een half jaar vóór het verstrijken van de looptijd een evaluatie van de werking van de Regionale Overeenkomst uitgevoerd. Daarin bespreken partijen de wenselijkheid van een nieuwe Regionale Overeenkomst na 2018. Elke partij kan op basis van de evaluatie aangeven of zij voornemens is de Regionale Overeenkomst, al dan niet in aangepaste vorm voort te blijven zetten voor een nieuwe periode van 10 jaar.

Artikel 17 Veiligheid en internationale regelgeving

Ondanks het streven van partijen om bij het nemen van besluiten het belang van het milieu zo goed mogelijk te dienen, mag dit niet ten koste gaan van de vliegveiligheid en of de veiligheid op de grond. Bij conflicterende belangen in een bepaalde situatie prevaleert de veiligheid.

Artikel 18 Rijksoverheid

In deze overeenkomst is getracht zo goed mogelijk aansluiting te vinden bij bestaande wet- en regelgeving en ook is, daar waar mogelijk, geanticipeerd op toekomstige regelgeving. Daar waar deze overeenkomst in strijd raakt met nieuwe wet- en regelgeving wijkt deze overeenkomst.

Artikel 19 Diverse bepalingen

Dit artikel bevat een aantal restbepalingen die de werking van deze overeenkomst betreffen. 


Bijlage A

LOCAL RULES VOORTVLOEIEND UIT ARTIKEL 4 VAN DE REGIONALE OVEREENKOMST

OPNAME IN DE AERONAUTICAL INFORMATION PUBLICATION EHEH:


EHEH AD 2.3.1 OPERATIONAL HOURS / AD ADMINISTRATION:

Daily 0600-2200 (0500-2100 ). For exemptions see remarks.

EHEH AD 2.3.12 OPERATIONAL HOURS / REMARKS:

- Daily 0600-2300 (0500-2200) for EHEH-based aircrafts (Chapter 3 or Chapter 4 aircrafts certificated for a minimum of 145 seats and a MTOW of 65.000 kg or more) operating scheduled flights.
- Daily 0600-2300 (0500-2200) for delayed aircrafts (delay reason: ATC delay, technical delay, meteorological delay or unexpected delays which reasonably couldn’t have been foreseen on the moment of takeoff ) operating scheduled flights.
- Daily 0700-1700 (0600-1600) for noisy Chapter 3 aircrafts for which the margin of the sum of the three certification noise levels, relative to the sum of the three applicable ICAO Annex 16 Chapter 3 certification noise limits, is 5 EPNdB or more.
- Eindhoven Airport can appeal at the local Air Traffic Control to letting return of home based aircrafts (Chapter 3 or Chapter 4 aircrafts certificated for a minimum of 145 seats and a MTOW of 65.000 kg or more) if particular circumstances justify these.


OPNAME IN DE CAPACITY DECLARATION EINDHOVEN (SLOT COORDINATION):

PART A OPERATIONAL CAPACITY

Opening hours Eindhoven Airport:

Daily 0700lt-2300lt.
Daily 0700lt-0000lt for EIN-based aircrafts (Chapter 3 or Chapter 4 aircrafts certificated for a
minimum of 145 seats and a MTOW of 65.000 kg or more) operating scheduled flights.


PART C NOISE RESTRICTIONS

- Aircraft which are certificated in accordance with the noise standards of ICAO Annex 16 Chapter 3, for which the margin of the sum of the three certification noise levels, relative to the sum of the three applicable ICAO Annex 16 Chapter 3 certification noise limits, is 5 EPNdB or more: Take-off and landing is not allowed before 0800lt and after 1759lt.
- Movements for charter operations (on Saturdays and Sundays), may only be allocated to operations operated with one of the following aircrafts:
• Airbus A318
• Airbus A319
• Airbus A320
• Airbus A321
• Airbus A330
• Airbus A340
• Avro RJ series
• Boeing 717
• Boeing 737-600
• Boeing 737-700
• Boeing 737-800
• Boeing 737-900
• Boeing 777
• Boeing 787
• Boeing MD90
• Canadair RJ series
• Embraer all types
• Fokker 70
• Fokker 100
• Sukhoi Superjet series


Bijlage B

Milieustrategie Eindhoven sustainable Airport

CE
Delft, 2005

Bijlage C

Werkgelegenheidseffecten Eindhoven Airport



Bijlage D

Instelling Gezamenlijk Luchthaven Omwonenden Beraad Eindhoven

De bij de Regionale Overeenkomst aangesloten partijen,

Besluiten

I

Tot instelling van een Gezamenlijk Luchthaven Omwonenden Beraad Eindhoven (GLOBE).

Artikel 1 Instellingsbesluit

Er is een Gezamenlijk Luchthaven Omwonenden Beraad Eindhoven.

Artikel 2 Leden

Het Gezamenlijk Luchthaven Omwonenden Beraad Eindhoven bestaat tenminste uit:

a. een door partijen aan te wijzen onafhankelijk voorzitter;

b. telkens een lid aangewezen door: 

- de provincie Noord-Brabant; 

- de gemeente Best; 

- de gemeente Eersel; 

- de gemeente Eindhoven; 

- de gemeente Oirschot; 

- de gemeente Veldhoven; 

- de vereniging Belangenbehartiging Omwonenden Welschap (BOW); 

- de Brabantse Milieu Federatie (BMF); 

- Eindhoven Airport NV



Artikel 3 Bestuurlijk overleg

1. Het bestuurlijk overleg komt tenminste drie maal per jaar bijeen, met als voornaamste taak:
a. evaluatie op hoofdlijnen van de uitvoering van deze overeenkomst;
b. overleg voeren over beleidsmatige en operationele zaken;
c. overleg voeren over feitelijke ontwikkelingen m.b.t. burgerluchtvaart en aanverwante luchthavenaangelegenheden;
d. overleg over de implementatie van milieumaatregelen;
e. het verkrijgen van inzicht in groeimogelijkheden van de luchtvaart binnen de beschikbare milieuruimte; f. vaststellen van de wijze waarop de vastgestelde milieugrenzen zullen worden gehandhaafd;
g. vaststellen van de wijze waarop structureel en periodiek informatie aan omgevings-doelgroepen wordt verstrekt;
h. toezicht op de juiste naleving van gemaakte afspraken binnen deze overeenkomst;
i. bemiddeling in geschillen tussen twee of meer partijen;
j. vaststellen van de jaarlijkse rapportage over de uitvoering en de werking van de Regionale Overeenkomst.

Artikel 4 Agendacommissie

Een Agendacommissie onder voorzitterschap van de secretaris van GLOBE komt tweemaandelijks bijeen en heeft tot taak de agenda voor het GLOBE-overleg en uitvoeringsbesluiten naar aanleiding van dit overleg inhoudelijk voor te bereiden.
De secretaris stuurt de vergaderstukken in het geval van regulier geplande vergaderingen van GLOBE minimaal twee weken voorafgaande aan de betreffende bijeenkomst aan de leden toe.

Artikel 4 Vertegenwoordiging

De leden worden aangewezen door hun achterban. Leden kunnen bij ontstentenis worden vervangen door een plaatsvervanger. De leden zijn zonder volmacht niet bevoegd partijen te vertegenwoordigen.

Artikel 5 Secretariaat

Het Gezamenlijk Luchthaven Omwonenden Beraad Eindhoven wordt ondersteund door een onafhankelijk secretariaat.

Artikel 6 Bezoldiging voorzitter en secretaris 

De voorzitter en de secretaris ontvangen voor hun werkzaamheden een door GLOBE vast te stellen bezoldiging.

Artikel 7 Vergaderlocatie

De bijeenkomsten in het kader van GLOBE vinden in beginsel op Eindhoven Airport plaats. Eindhoven Airport stelt deze locatie om niet ter beschikking.

Artikel 8 Besluitvorming

Het overlegorgaan handelt op basis van gelijkwaardigheid van alle partners. Besluiten worden op basis van tweederde meerderheid genomen.

Artikel 9 Verdeelsleutel kosten

De kosten verband houdend met het voorzitterschap en secretariële ondersteuning en eventuele andere kosten worden, op basis van een door partijen nader vast te stellen verdeelsleutel verdeeld over alle bij GLOBE aangesloten partijen. Partijen stellen jaarlijks vóór 1 november de begroting voor het komende jaar vast.

Artikel 10 Rapportage

De resultaten van het gezamenlijk overleg worden schriftelijk gerapporteerd aan alle partijen bij de Regionale Overeenkomst.

Artikel 11 Looptijd

De looptijd van het Gezamenlijk Luchthaven Omwonenden Beraad Eindhoven loopt parallel aan de looptijd van de Regionale Overeenkomst. Een beslissing over de voortzetting van GLOBE na ommekomst van de looptijd maakt deel uit van besluit over de voortzetting van de Regionale Overeenkomst.

III

Benoeming voorzitter en secretaris

Artikel 12 Benoeming voorzitter

Tot voorzitter van het Gezamenlijk Luchthaven Omwonenden Beraad Eindhoven wordt per 1 januari 2008 benoemd ………………………………...
Het voorzitterschap wordt aangegaan voor een periode van 3 jaar. Herbenoeming is mogelijk, zo ook benoeming voor een kortere periode.

Artikel 13 Benoeming secretaris

Tot secretaris van het Gezamenlijk Luchthaven Omwonenden Beraad Eindhoven wordt per 1 januari 2008 benoemd ………………………………………...
De secretaris wordt benoemd voor een periode van 3 jaar. Herbenoeming is mogelijk, zo ook benoeming voor een kortere periode.




Toelichting bij het besluit tot instelling van het Gezamenlijk Luchthaven Omwonenden Beraad Eindhoven

Bij de uitvoering van de Regionale Overeenkomst is een belangrijke taak weggelegd voor het Gezamenlijke Luchthaven Omwonenden Beraad Eindhoven (GLOBE). Het vormt het platform waarin partijen met elkaar regelmatig overleg voeren over onderwerpen uit de overeenkomst of aspecten die daarmee direct verband houden. GLOBE is ook de eerst aangewezen instantie om oplossingen te zoeken bij geschillen die ontstaan in het kader van de uitwerking van de Regionale Overeenkomst. Binnen GLOBE zal eveneens overleg worden gevoerd over aspecten die het draagvlak voor Eindhoven Airport als regionale luchthaven kunnen vergroten en wellicht op termijn, na instemming door alle partijen, in de vorm van een bijlage kunnen worden toegevoegd aan de Regionale Overeenkomst. Daarbij kan worden gedacht aan een aantal thema’s waarover momenteel op nationaal niveau en internationaal niveau discussie wordt gevoerd, Te denken valt aan beperkende maatregelen op het terrein van klimaatbeheersing. Zodoende wordt de Regionale Overeenkomst een dynamisch document dat goed aansluit bij de wensen en behoeften van partijen.
Het overlegorgaan is samengesteld uit vertegenwoordigers van alle bij de overeenkomst betrokken partijen. Participatie in het GLOBE overleg, al of niet op ad hoc basis staat eveneens open voor vertegenwoordigers van Defensie en Verkeer en Waterstaat.

Een Agendacommissie bereidt de vergaderingen van GLOBE voor. Het voorzitterschap wordt vervuld door een onafhankelijk voorzitter en secretaris, die voor een periode van drie jaar wordt benoemd, welke periode éénmaal kan worden verlengd. Eindhoven Airport stelt vergaderfaciliteiten ter beschikking.

Het overlegorgaan handelt op basis van gelijkwaardigheid van alle partners. Besluiten worden op basis van tweederde meerderheid genomen.

GLOBE doet geen uitspraken of aanbevelingen over onderwerpen die nadrukkelijk in artikel 28 van de Luchtvaartwet zijn voorbehouden aan de COVM.


Bijlage E

Projecten die voor financiering vanuit het Milieufonds in aanmerking komen, moeten aan de volgende criteria voldoen :

• Effectief (draagt bij aan reductie effect)
• Niet alleen compenserend, maar ook innovatief en pro-actief (zoals : voorkomen/beperken van CO2-uitstoot
• Additioneel (anders niet zo tot stand gekomen)
• In nabijheid van de luchthaven (relatie met gevolgen luchtvaart)
• Zichtbaar (met het oog op draagvlak)
• Kosteneffectief (bomen planten in Latijns Amerika is goedkoper en op wereldniveau bezien klimaateffectiever dan in Brabant)
• Wederkerigheid (Eindhoven Airport draagt bij ten gunste van de omgeving en de omgeving draagt bij ten gunste van Eindhoven Airport)

Een eerste, voorlopige, groslijst levert de volgende projecten op:
• Groundpower voor stilstaande vliegtuigen. Voor de elektriciteitvoorziening (licht en koeling) maken vliegtuigen op het platform gebruik van kleine generatoren. Deze verbranden kerosine en leiden tot uitstoot van emissies en geluidproductie. Een specifieke stroomvoorziening van de luchthaven zou deze uitstoot voorkomen, maar vergt relatief hoge investeringen.
• Groene daken, daktuinen en groene gevels: proefproject in Veldhoven West
• Toepassing Ecological Engineering. Voorbeelden: bermbeheer, ecologische geluidwerende voorzieningen langs wegen en faunavoorzieningen toegepast in poortregio van Het Groene Woud (ten noorden van Eindhoven Airport)
• Warmteopslag platform Eindhoven Airport
• Wijk Dijkstaten in de gemeente Best
• Klimaatpark Veldhoven. Binnen de 35 KE-zone zou gemeente Veldhoven op haar grondgebied, aansluitend op het NOP en het gebied van de ruilverkaveling Wintelre-Oerle graag een klimaatpark ontwikkelen, waarvan een klimaatbos onderdeel uitmaakt.
• Milieu informatie centrum landschap en luchthaven
• Stimulering OV gebruik vliegveld. Gratis of met korting aangeboden shuttledienst voor inwoners van gemeenten die in Globe participeren.
• Vuilniswagens voorzien van roetfilters
• Stimuleren lokale initiatieven op gebied van milieu, cultuur en recreatie
• Onderzoek naar mogelijkheden van aansluiting op het Europese net van hoge snelheidslijnen (feeders naar Breda, Aken etc.)
• Bomenaanplant ontwikkelingsgebieden

Opmerking : deze groslijst is een eerste, voorlopige inventarisatie. Een van de eerste activiteiten van het Milieu-investeringsfonds zal bestaan uit het opstellen van een nader uitgewerkt milieu-investeringsprogramma.